We zitten in het jaar van de Heer 2019 en op 21 februari jl. heeft Hart voor Katwijk voor de tweede keer in mensenheugenis een motie ingediend om het ambtsgebed vóór de raadsvergadering “af te schaffen”.

Deze motie is, van Katwijkse nature, met veel geblaf ontvangen door Gristelijk Katwijk. Maar datzelfde Gristelijke Katwijk weigert het artikel verder te lezen dan de kop, welke suggereert dat HVK er helemaal vanaf wilt. Wat niet zo is.

Reacties zoals “dat het een heel triest voorstel is”, “dat het erg is dat ze zo juist niet zijn opgevoed” en “dat het verdrietig is dat men niet beseft hoe goed onze Heer wel niet is” passeren allen de revu. Allen getuigende van het schijnbare feit dat de kop genoeg zou zijn om álles, wat niet meer kort wordt samengevat door HvK, van de motie te weten. Maar opnieuw: niet dus.

Wie de motie heeft gelezen, weet dat de motie niet is om het ambtsgebed compleet af te schaffen, maar om het te verplaatsen naar een aparte zaal voor degenen die er nog behoefte aan hebben. Anno 2019 is dit best logisch, maar in confessioneel gebied is dit natuurlijk een taboe en heiligschennis.

Of de motie doorgang gaat vinden, ligt in de handen van de Heer. In wiens naam we overigens ook gewoon gaan bidden vóór we de motie gaan behandelen.